In 2024 werd wereldwijd de grootste toename van CO₂ in de atmosfeer ooit gemeten: 3,7 ppm (parts per million). Dat blijkt uit recente gegevens van de Amerikaanse overheidsinstelling NOAA en het Scripps Institution of Oceanography. De forse CO₂-stijging is niet het gevolg van een sterke toename van de wereldwijde uitstoot, maar van een afname in de opname van CO₂ door natuurlijke systemen zoals bossen en oceanen. En dat is een zorgwekkend signaal.
Natuurlijke koolstofsinks onder druk
Normaal gesproken wordt ongeveer de helft van onze jaarlijkse CO₂-uitstoot opgenomen door de natuur. Bossen, bodems en oceanen fungeren als zogeheten koolstofsinks. Maar die rol komt steeds meer onder druk te staan. Door hittegolven, droogte, bosbranden en de opwarming van zeewater raken ecosystemen beschadigd en verliezen ze hun vermogen om koolstof vast te leggen.
Volgens de Scripps Institution of Oceanography is de beperkte opname in 2024 deels te wijten aan El Niño, een natuurverschijnsel dat het klimaat wereldwijd beïnvloedt. Toch wijzen onderzoekers erop dat het niet gaat om een incidenteel jaar, maar om een voortschrijdende trend. “Als de natuur ons minder CO₂ uit handen neemt terwijl de uitstoot gelijk blijft, versnelt de opwarming van de aarde,” stelt Scripps in de toelichting bij de cijfers.
Duitse bossen keren het tij
Ook dichter bij huis worden de gevolgen zichtbaar. Duitse bossen zijn sinds 2018 van een CO₂-sink veranderd in een bron van CO₂-uitstoot. Door droogte, stormschade en insectenplagen, vooral de opmars van de letterzetter (een soort schorskever), is de vitaliteit van bossen sterk afgenomen. Dat betekent minder groei, meer sterfte en dus een negatieve koolstofbalans.
Volgens het Thünen-Institut, dat het Duitse bosbeheer wetenschappelijk begeleidt, is actieve herbebossing nodig met soorten die beter bestand zijn tegen het veranderende klimaat. Zonder gezonde bossen verliest Europa een van zijn belangrijkste natuurlijke klimaatbuffers.
Tot slot
De recordstijging van CO₂ in de lucht toont aan hoe kwetsbaar het natuurlijke evenwicht geworden is. Zelfs als de uitstoot niet stijgt, kan de atmosfeer sneller vervuilen wanneer bossen en oceanen hun opvangcapaciteit verliezen. Daarom zijn er twee sporen tegelijk nodig: de uitstoot van broeikasgassen moet zo snel mogelijk naar nul, én de natuur moet actief beschermd en hersteld worden. Alleen dan houden we het klimaatsysteem enigszins beheersbaar.
