ETS (Emission Trading System): Europese CO₂-emissiehandel

Het Europese Emission Trading System (ETS) is het belangrijkste instrument van de EU om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen via een marktgebaseerde benadering. Het systeem werkt volgens het principe van cap-and-trade: er wordt een emissieplafond vastgesteld voor de totale uitstoot van CO₂ (en andere broeikasgassen) binnen de sectoren die onder het ETS vallen. Binnen dat plafond kunnen bedrijven onderling emissierechten verhandelen.

Elke ton CO₂-uitstoot vereist één emissierecht (EU Allowance, EUA). Bedrijven die minder uitstoten dan hun rechten, kunnen het overschot verkopen. Bedrijven die meer uitstoten, moeten extra rechten inkopen of investeren in reductiemaatregelen. Het totaal aantal rechten wordt jaarlijks verlaagd, waardoor het systeem leidt tot een geleidelijke emissiereductie.

Het ETS geldt voor de energiesector, industrie, luchtvaart (binnen Europa) en vanaf 2024 ook voor de maritieme sector. Vanaf 2027 komt er een tweede ETS (ETS2) voor gebouwde omgeving en wegvervoer. Deze uitbreiding zal ook consumenten en kleinere bedrijven indirect raken via hogere energieprijzen.

De prijs van CO₂-rechten is in de afgelopen jaren sterk gestegen en fungeert als prikkel voor verduurzaming. Tegelijkertijd worden energie-intensieve sectoren deels gecompenseerd via gratis rechten of het Moderniseringsfonds, om weglekeffecten naar landen buiten de EU te beperken.

Het ETS is een hoeksteen van het Europese klimaatbeleid en wordt voortdurend aangepast via de Fit for 55-wetgeving om in lijn te blijven met de Green Deal-doelstellingen. Het dekt circa 40 procent van alle CO₂-uitstoot in de EU, vooral vanuit zware industrie, elektriciteitsproductie en luchtvaart. Sinds invoering heeft ETS bijgedragen aan een afname van uitstoot met ruim 40 procent binnen sectoren die onder het systeem vallen. Het systeem wordt ook buiten Europa nagevolgd, onder meer in Zuid-Korea, Canada en delen van China. Het ETS vormt een hoeksteen van het Europese klimaatbeleid.