Liquid Organic Hydrogen Carriers (LOHC) zijn organische vloeistoffen die waterstof chemisch kunnen opslaan door binding aan koolwaterstofstructuren. In tegenstelling tot gecomprimeerde (350–700 bar) of vloeibare waterstof (-253 °C) blijft LOHC onder atmosferische druk en omgevingstemperatuur stabiel en vloeibaar, waardoor het veel veiliger en eenvoudiger te hanteren is.
Het proces bestaat uit twee stappen: eerst wordt waterstof onder warmte (endotherm) gebonden aan een vloeibare drager, zoals dibenzyltolueen. Bij gebruik of conversie wordt de waterstof via een ander thermisch proces weer losgemaakt (dehydrogenering). De drager zelf blijft intact en kan opnieuw worden gebruikt, wat LOHC tot een circulair medium maakt.
Een groot voordeel van LOHC is de compatibiliteit met bestaande infrastructuur: het kan worden gepompt, getankt en opgeslagen in conventionele opslagtanks, vrachtwagens of pijpleidingen. Hierdoor biedt het een schaalbare oplossing voor grootschalige waterstofdistributie, vooral in combinatie met intermodaal transport over lange afstanden.
De technologie is veelbelovend voor industriële opslag, waterstoftankstations en als energieopslag in waterstofeconomieën. Nadelen zijn het energieverlies bij het waterstof-bindingsproces (tot 30 %), complexe installatie-eisen en hoge kosten van de dragers en systemen. Toch groeit de internationale belangstelling snel, met actieve programma’s in onder meer Duitsland, Zuid-Korea en Japan, en demonstratieprojecten door bedrijven zoals Hydrogenious LOHC Technologies en Chiyoda Corporation. LOHC biedt daarmee een veilige, flexibele en potentieel schaalbare oplossing voor de wereldwijde waterstoflogistiek.
