Een waterstofstation is een speciaal ingericht tankstation waar voertuigen met een brandstofcel (FCEV) binnen enkele minuten waterstof kunnen bijvullen. De waterstof wordt onder hoge druk opgeslagen en getankt bij 350 bar (voor bussen en trucks) of 700 bar (voor personenauto’s), waardoor de tanktijd vergelijkbaar is met die van benzine of diesel.
Dankzij de snelle tankbeurt en hoge energiedichtheid is waterstof bij uitstek geschikt voor zwaar transport, langeafstandsroutes en intensief gebruik zoals taxivloten of openbaar vervoer. Tanken duurt doorgaans 3 tot 5 minuten voor een volle tank, waarmee actieradiussen van 400 tot 800 kilometer haalbaar zijn, afhankelijk van voertuigtype.
De waterstof wordt op locatie geproduceerd via elektrolyse of aangevoerd in samengeperste of vloeibare vorm met speciale tankwagens. In Nederland zijn begin 2025 naar verwachting ongeveer 20 operationele waterstofstations, onder meer in Den Haag, Arnhem, Groningen, Amsterdam en bij transportcorridors. Verdere uitbouw wordt mede gestuurd door overheidsbeleid, subsidieregelingen (zoals DKTI) en private investeringen van partijen als Shell, Resato en TotalEnergies.
Voor een duurzame en grootschalige inzet is het essentieel dat de waterstof groen geproduceerd wordt, met hernieuwbare energie als bron. Ook betrouwbaarheid, beschikbaarheid en kostenefficiëntie van de tankinfrastructuur zijn bepalend. Waterstofstations zijn daarmee een kritische randvoorwaarde voor de uitrol van Fuel Cell Electric Vehicles (FCEV’s), vooral in sectoren waar batterij-elektrisch rijden nog beperkingen kent.
